De Charismanische vervalsing van Jesaja 53:4

In veel charismatische kringen wordt geleerd, dat Jezus gekomen is om onze “ziekten en pijn te dragen en weg te nemen op het kruis.” Daarbij was bloedstorting niet noodzakelijk. We kunnen vervolgens gaan “staan” op Zijn gezag en de ziekten bevelen weg te gaan: “Slechte bloedcellen, ga weg in de Naam van Jezus!” Zo is dat de gewoonte in de Shelter, de afgodstempel van Walfried Giltjes.

Ze baseren dat vaak op een lezing van Jesaja 53:4. Waarlijk, Hij heeft onze krankheden (ziekten, zwakheden) op Zich genomen, en onze smarten (slagen, pijnen) heeft Hij gedragen. “Gedragen” lijkt toch op de uitdrukking dat Hij onze zonden “gedragen” heeft op het kruis? Maar het werkwoord daar is NaSA, wat gewoon “dragen” betekent en niet “wègdragen”.

Ook in 1 Pe. 2:24 wordt voor het “wègdragen” van de zonde een apart werkwoord, namelijk “anaferoo” ,gebruikt, wat omhoog dragen of wègdragen betekent. De smarten die Hij gedragen heeft, blijken volgens Mat. 8:16, 17 juist de smarten die Jezus’ tijdgenoten hebben geleden – die Hij droeg door ze tijdens Zijn leven te genezen. De Heer Jezus heeft dus niet de ziekte wèggedragen aan het kruis en onze pijn niet “wèggedragen” aan het kruis – d.w.z. voor eens en voor altijd weggenomen. De Heer Jezus heeft onze ziekten en smarten “gedragen” door ze te genezen op aarde – Mat. 8:17.

Sterker nog, het is maar de vraag of we niet zouden moeten vertalen: Waarlijk, Hij heeft onze zwakheden gedragen (ons ondersteund in onze zwakheden) en onze slagen (die wij Hem toebedeeld hebben) verdragen. (Herinner je immers, dat Jesaja 53 een toekomstige schuldbelijdenis is van degenen die Hem op aarde hebben verworpen, m.b.t. tot de tijd die Hij op aarde doorgebracht heeft.)

En het is ook nog mogelijk dat we de hele exegese verbinden met vers 11: “Hij zal hun ongerechtigheden dragen”- wat de krankheden en smarten eerder met de zonde dan met ons lichamelijk welzijn verbindt.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *