Toen Hamas op 7 oktober 2023 een grootschalige aanval uitvoerde op Zuid‑Israël — waarbij meer dan duizend Israëlische burgers werden gedood, honderden werden ontvoerd en ernstige wreedheden plaatsvonden — reageerden veel (maar niet alle!) internationale organisaties onmiddellijk en expliciet. Kerken en regeringen veroordeelden de aanval als terrorisme en spraken hun solidariteit uit met de slachtoffers.
Maar één organisatie viel op door wat zij níet zei: de Mennonite Central Committee (MCC).
Geen expliciete veroordeling van Hamas
In de dagen na 7 oktober publiceerde de MCC géén afzonderlijke verklaring waarin de aanval werd benoemd of veroordeeld. Er werd:
- geen melding gemaakt van Hamas,
- geen benoeming van de massamoord op burgers,
- geen expliciete erkenning van de aard van de aanval.
In plaats daarvan bracht MCC een algemene oproep tot vrede en de-escalatie uit. De toon was pastoraal, maar ook opvallend abstract: “We lament all violence” en “We pray for peace for all people.”
Voor mij voelde dit als een morele omzeiling: een tragedie van deze omvang, gepleegd door een organisatie die internationaal als terroristisch wordt aangemerkt, vraagt volgens mij om meer dan een algemene vredeswens – want die steunt de moordenaars, niet de slachtoffers.
Focus op humanitaire nood in Gaza
Waar andere organisaties de aanval zelf centraal stelden, richtte MCC zich vrijwel onmiddellijk op:
- de humanitaire crisis in Gaza,
- de nood aan medische hulp, voedsel en bescherming,
- de gevolgen van Israëlische vergeldingsaanvallen.
Dit sluit aan bij MCC’s decennialange aanwezigheid in Gaza en haar sterke relaties met lokale partners. Maar het betekende ook dat de Israëlische slachtoffers van 7 oktober nauwelijks in beeld kwamen in MCC’s publieke communicatie.
Een theologische reflex: geweld roept geweld op
MCC’s reactie paste volledig binnen de klassieke Mennonitische vredestheologie:
- geweld is altijd verkeerd, zelfs defensief
- geweld van de ene partij rechtvaardigt nooit geweld van de andere, Israël moet passief blijven
- vrede ontstaat door dialoog, niet door wapens.
Deze benadering mag dan consistent zijn, zo bedoeld in ieder geval, maar leidt in veel gevallen tot een morele symmetrie die ik zeer on-Bijbels vind, en onacceptabel. Door alle geweld gelijk te behandelen, werd het specifieke karakter van de aanval — een doelbewuste massamoord op burgers — niet benoemd.
Latere stappen: oproepen tot staakt‑het‑vuren en vrijlating van gijzelaars
In de weken na 7 oktober sloot MCC zich aan bij bredere kerkelijke en humanitaire oproepen tot:
- een onmiddellijk staakt‑het‑vuren,
- humanitaire toegang tot Gaza,
- bescherming van burgers,
- vrijlating van gijzelaars.
Maar ook in deze gezamenlijke verklaringen bleef de taal voorzichtig. De verantwoordelijkheid van Hamas voor de aanval werd niet expliciet benoemd.
Waarom heeft het MCC geen enkele directe erkenning gegeven van de aard en omvang van de wreedheden op 7 oktober? Voor veel Mennonieten — en zeker voor Joodse partners — voelde de reactie als een pijnlijke stilte.
De reactie van de Mennonite Central Committee op 7 oktober 2023 kan worden samengevat als:
“We rouwen, we bidden, we helpen — maar we benoemen niet wie verantwoordelijk is.”
In de geïndoctrineerde geest van sommigen is dat een principiële keuze voor vrede. Voor de meeste mensen met gezond verstand is dat een gemiste kans om morele helderheid te tonen op een moment dat de wereld die hard nodig had.
CONCLUSIE
Ik nam afscheid van de Verenigde Protestantse Kerk in België die ondubbelzinnig de Hamas-propaganda ondersteunt, ik nam afstand van de Protestantse Kerk in Nederland omdat zovelen daar volledig pro-Palestijns anti-Israël zijn geworden, ik werd (weer) lid van de Doopsgezinde Broederschap, nu in Schagen. Ik schreef over de nabijheid van de Menisten, de “Mennonites” tot het Diaspora Jodendom. Maar dan blijkt dat ook zij gevallen zijn voor de Hamas propaganda:

Als de kerken in het Westen propagandamachines worden voor Hamas en het radicale Islamisme, via een beperkt aantal instituties zoals het MCC voor de Mennonieten, dan is dat geen reflectie van de opvattingen van de meerderheid, waarschijnlijk. Maar niemand gaat zwemmen in een rivier waarin een lijk ligt te rotten – ook al is het meeste water niet besmet.
Jan Luiten schreef: “Begrijp ik goed dat je nu geloofsmatig dakloos bent, Robbert? Niet leuk, lijkt me.”
Dat is wel waar, maar toch niet zo tragisch als het lijkt, omdat ik een plek heb gevonden bij een Doopsgezinde gemeente in Schagen waar ik me vrij kan voelen om te zeggen wat ik denk. Ik ga nog steeds voor in diverse PKN gemeenten – totdat er iets aan de orde komt waar ik getuigenis moet afleggen van mijn liefde voor Israel en mijn steun voor de zaak van zijn veiligheid en overleven. Of wanneer ik in het openbaar spreek over de venijnige Hamas propaganda die overal voortwoekert. Dan word ik niet meer gevraagd….
Dat pacifisme van de dopersen heb ik nooit zo begrepen. Er bestaat ook nog zo iets als gerechtvaardigd geweld. De Schrift ondersteund dat. Zoals bijvoorbeeld bij David. Of bij Paulus, die stelt dat de overheid het zwaard niet te vergeefs draagt. En wat te denken van het laatste oordeel. (Dat wordt ook genoemd in het Oude Testament, zie het slot van Jesaja 66).
Begrijp ik goed dat je nu geloofsmatig dakloos bent, Robbert? Niet leuk, lijkt me.