De belijdenis van David de Vos – wie is Jezus voor hem?

Wie is Jezus? Een hele belangrijke vraag, zeker. Het antwoord dat je dan geeft, laat wel zien waar je staat binnen de kerk, voor welke traditie of benadering je gekozen hebt. 

Ik zou zeggen: Jezus is de unieke Zoon van God, die is vleesgeworden, is gekruisigd, gestorven en begraven, opgestaan uit de doden op de derde dag.

En de betekenis van Zijn dood is, dat Hij de zonden en de schuld van de wereld gedragen heeft in drie uren van duisternis, waarin Hij tot zondoffer gemaakt werd. Hij is in mijn plaats aan het kruis gestorven, want die dood had ik verdiend, omdat ik een zondaar was, een vijand van God, vreemd aan Gods leven en uitgesloten van Zijn beloften. Ik was “dood in mijn misdaden en zonden.” Maar nu leef ik door het geloof in Hem die mij heeft liefgehad en Zichzelf voor mij heeft overgegeven in de dood. 

Door het geloof krijg ik deel aan Hem en zijn mijn zonden vergeven en is mijn schuld betaald. Daardoor heeft Hij mij gekocht en schenkt Hij mij het eeuwige leven. Ik ben Zijn eigendom! Met Hem ben ik gestorven aan mijn zonden, die Hij wegdroeg aan het kruis, maar met Hem ben ik ook opgestaan, zodat ik nu verbonden ben met een Heer die in de hemel zit aan de rechterhand van God de Vader – die als een Herder voor mij zorgt, als een Hogepriester voor mij bidt. 

Maar je kunt ook weleens iets anders  – zelfs een heel ander evangelie – horen van mensen die zichzelf een christelijke voorganger noemen. Lees dit maar eens, van de website van David de Vos:

 1. Jezus is onze passie. Meer dan 2000 jaar geleden kwam Hij naar de wereld om een einde te maken aan de kloof die was ontstaan tussen God en mensen.

“Kloof”? Die was “ontstaan”? Alsof we het over een natuurramp hebben – waarom niet de zonde van Adam en Eva genoemd? Het was toch niet alleen een “gespannen relatie”? Waarom wordt hier niet de zonde genoemd die scheiding maakte tussen mij en een heilig God? Waarom wordt niet de vijandschap genoemd waarmee ik tegen God rebelleerde en steeds een eigen weg wilde gaan, ver verwijderd van Hem? De zonde wordt gebagatelliseerd met dat woord “kloof”. 

2. Zijn komst zette de geschiedenisklok op nul, want de tijdlijn van de wereld is gebaseerd op zijn leven, dood en opstanding. Daarom spreken we vandaag de dag van vòòr en ná Christus.

Is de komst van de Heer Jezus dan bedoeld om een nieuwe kalender in te voeren? Ineens horen we in deze confessie iets heel triviaals, namelijk dat onze kalender de jaren telt vanaf de geboorte van Jezus – overigens foutief berekend, maar daar kunnen we niets meer aan veranderen. 

3. Het grote verschil tussen Jezus en alle andere goden is dat Hij naar de wereld kwam om in onze schoenen te staan. Jezus werd mens om te voelen wat wij voelen en mee te maken wat wij meemaken. Hierdoor is Hij in staat om ons in alles te begrijpen en ons antwoord te geven op onze vragen.

Is Hij mens geworden om ons te leren kennen? Weet Hij dan niet wat het is om mens te zijn? Is Zijn bedoeling alleen maaronze zielszorger te zijn, onze “buddy” die ons bij alle zaken van het leven bijstaat? Of kwam Hij om mens te zijn – zodat Hij één met ons zou zijn – ons lijden te delen, om onze representant te kunnen zijn op Golgotha? Want het zondoffer vergt de identificatie tussen het offer en de offeraar, tussen het offerdier dat de zonde draagt en de zondaar die het offer brengen moet. Omdat wij daartoe niet in staat waren kwam God met Zijn Zoon die voor ons het ware Paaslam werd. 

4. Zijn leven is onze inspiratiebron,

Dus Christus is een inspirerende persoonlijkheid waar we van kunnen leren? Hij is de motivator in ons leven? Begint Jezus hier niet verdacht veel op een life-coach te lijken?

5. Zijn dood ons plaatsvervangend lijden en het geloof in Hem ons eeuwig leven.

Ze bedoelen: Hij is in onze plaats aan het kruis gestorven. Er is geen “plaatsvervangend lijden”, alleen een plaatsvervangende dood – dat is taal van het offer. I.p.v. mijn sterven is er het sterven van een substituut. Zo neemt Jezus mijn plaats in. Maar het is niet zo dat Hij in mijn plaats lijd, zodat ik geen lijden meer zal meemaken. Plaatsvervangend lijden neemt mijn lijden weg. Dat is de logika van die term. Een plaatsvervangende dood neemt mijn dood weg – zodat ik nu lééf met hem. 

Het klinkt aan het eind best nog orthodox: geloof in Hem ons eeuwig leven. Maar als je daar niet helder over bent, dat wij geloven in de gekruisigde, zodat wij éénworden met Hem in Zijn dood, opdat wij gerechtvaardigd zouden worden van de zonden, dan klinkt dat eeuwige leven als een mooi cadeautje, wat met een onbegrensde vrijgevigheid te maken heeft, maar nog maar weinig met het werk van de Heere Jezus aan het kruis. 

Is dit onkunde? Of is het opzettelijk een “ander evangelie”? 

Lees het zelf na op:

David de Vos

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *