De reactie van Jeroen Koornstra op mijn video over Tom de Wal

JK.  kijk, dat is dus typerend. Nu ga je mij aanvallen op het woord ‘liefde’ door daar allerlei foute invulling aan te geven.

Dat wordt uitgelokt door mijn woorden – naar aanleiding van zijn opmerking dat de “liefde ver te zoeken” was in mijn video – die ik hier nogmaals zal citeren:

RAV Bedoel je de “liefde” die elke fout en vergissing toedekt? De “liefde” die zwijgt als Gods waarheid wordt vervalst? De “liefde” die toelaat dat zonder weerwoord de aandacht wordt afgeleid van Christus die ons leven is, naar het zoeken van een stem die al gesproken heeft?

Zeker, een sarcastisch antwoord. Maar ik ben ook wel een beetje ziek van een benadering die elke kritiek, hoe ook ingekleed, meteen beantwoordt met de oproep om toch vooral “liefdevol” om te gaan met een broeder. Ik zie Tom de Wal als dwaalleraar, en een gevaarlijke ook. Het lijkt me niet vreemd dat dat ook mijn reactie kleurt. Met een dwaalleraar mogen we geen omgang hebben: 2 Joh. 8-11

JK – *Je kritiek zakelijk? – De muziek die je onder je filmpje zet is niet zakelijk, maar uitgekozen om een bepaalde sfeer te creëren dat er iets niet in de haak zit * Je kritiek zakelijk? – De woorden die je gebruikt zijn niet zakelijk “spreken in brabbeltongen, welvaartsevangelie, een genivelleerde Bijbel, spektakelgeest, shaken in de “geest”.” Je zou kunnen kiezen om gewoon de woorden te gebruiken die de Bijbel bevat en die Tom daarom ook gebruikt. Jij gebruikt zwaarbeladen termen waarin geen zakelijkheid te bespeuren is, wel een hoop kritiek en cynisme.

Die kritiek is idd “zakelijk” in zoverre ik uitspraken beoordeel en tegen het licht van de Schrift houd. Niet “zakelijk” in de zin van neutraal. Die verwarring tussen zakelijkheid en neutraliteit is een diepgaand misverstand: ik bedrijf polemiek, geen journalistiek.

Het moge zo zijn, dat TdW en zijn dwalende maatjes Bijbelse termen gebruiken, maar is dat terecht? Is de “tongentaal”- een verkeerde vertaling trouwens, het zijn “talen”- die ik hoor geen “gebrabbel”? Iemand die deze taal niet verstaat kan niet anders denken dan dat. “Niemand verstaat het”- 1 Kor. 14:2b. Het heeft dus geen nut – en er is geen vertaler, die wel door Paulus geëist wordt. Maar het geldt voor TdW c.s. wel als “teken van kracht!”- Terwijl het de gemeente in het geheel niet opbouwt. Ik verplaats mij in de onkundige die op dergelijke woorden – brabbelbrabbel, kanoeri vistemi babelmie kanarie  – geen Amen kan zeggen, want “hij weet immers niet wat u zegt”?  (1 Kor. 14:16)

En “shaken in de geest” is de term die TdW zelf gebruikt met zijn verwijzingen naaar de Toronto Blessing. Het “welvaartsevangelie” is een prima term voor deze vorm van dwaalleer, die inhoudt dat God mensen rijkdom en financiële genezing geeft wanneer ze dat maar willen. (Zie de Frontrunners website.)

JK 1. (0:27 e.v.) Zijn naam is Tom de Wal, niet Tom van der Wal. Alleen al zo een misser, laat zien hoe slecht je bent in je journalistiek.

Daar heeft-ie gelijk in. In de video noemde ik hem Tom van der Wal en niet Tom de Wal. Ik heb dat later wel in de titel gecorrigeerd. Overigens wordt hij in zijn eigen video Tom Wal genoemd, dus het overkomt anderen ook wel.

JK. 2. (0:32) “een van de belangrijkste dwaalleraren van onze tijd” Je start gelijk met de mededeling dat hij een dwaalleraar is. Zonder enige onderbouwing.

Die onderbouwing volgt later. Ik zeg het meteen zodat aanhangers kunnen afhaken zodra ze zien waar mijn video naar toe gaat. Ik wil hun tijd zeker niet verspillen.

JK. Behalve dat, op basis waarvan wordt het belang bepaald, en kom je tot de stelling “een van de belangrijkste”?

Omdat hij de leerstellingen van Koornstra, Giltjes, Pool en al die anderen op een aantrekkelijke manier weet te combineren, beschouw ik hem als één van de belangrijkste. Zijn aanhang lijkt enorm te groeien.

JK 3. (0:52) Er wordt geen dogma geponeerd, dat maak jij ervan. Er wordt met een uitdrukking “een platform geven” waarschijnlijk bedoeld dat er ruimte gegeven wordt aan de Heilige Geest. Daar is niets mis mee. Ook de stelling “anders werkt het niet” (die steeds weer terugkomt) is slechts je invulling, een vooronderstelling van jou, niet iets dat de spreker zegt.

Wij geven de heilige Geest helemaal geen platform. Dat is een charismatisch waanidee, dat wij met de Geest een afspraak kunnen maken zodat aanstaande zaterdag om 20.00 allerlei wonderen zullen gebeuren op het podium. Het veronderstelt de these dat de Heilige Geest al deze bijzondere zaken niet in het verborgene wil doen en doet, maar uitsluitend of vooral via deze bijeenkomsten. Minstens mag De Wal daar eens veel voorzichtiger mee zijn. Ook de tegenstelling die hij oproept tussen plaatsen waar je kennis kunt vinden en plaatsen waar de geest in kracht werkt, is een valse tegenstelling.

JK. 4. (1:05) “De heilige Geest wordt verbonden met spektakel – “kracht”” Het klopt dat de HG verbonden wordt met kracht. Dat zien we in het NT veelvuldig gebeuren. Het Griekse woord ‘dunamis’ zien we in Hand. 1:8 en talloze andere teksten. De spreker heeft het niet over spektakel, dat is je eigen invulling.

In het NT wordt de HGeest verbonden met “kracht”- maar die kracht wordt door TdW verbonden aan zijn bediening. Dat is de fout waarom het hier gaat. Is de HGeest nog steeds krachtig? Ja, in de bekering van mensen, in het inzicht in de Schrift die Hij verleent, in het groot maken van Christus. Hier wordt dat alles eenvoudig vergeten en opzij geschoven ten gunste van wonderbare genezingen, tongentaal, duiveluitdrijvingen (als dat er nog niet is, dan komt het nog) en idd… SPEKTAKEL. (Mijn woord, een terechte aanduiding lijkt me.)

JK 5.(1:17) “Minachting voor onderwijs en kennis” De spreker blijkt juist iemand die een voorstander is van onderwijs. Zo blijkt uit de vele studies die hij geeft, en bijbelschool die hij opgezet heeft. Dat de spreker constateert dat er veel plaatsen zijn waar kennis opgedaan kan worden, is gewoon een feit, geen minachting. Een ander feit dat benoemd wordt is dat er weinig plaatsen zijn waar de werking van de Geest zichtbaar is. Daarmee wordt geen minachting voor onderwijs en kennis verkondigd, maar een verlangen naar meer van de Geest náást al het goede onderwijs.

Nu heeft Koornstra niet goed geluisterd. Er is volgens TdW een contrast tussen de “plaatsen van kennis”- waarmee hij niet zijn eigen bijbelschool bedoelt – en de plaatsen waar de Geest met kracht werkt. “Dat hebben we nodig”, zegt hij, “profetische liederen” noemt hij ook nog. Goede, gedegen Bijbelkennis, gebaseerd op de grondtalen is niet spectaculair. Maar dát hebben wij nu wel nodig.

JK 6. (1:34) “uit de losse pols spreken is geen bewijs van de HG. Wel van luiheid” Dit is wel hilarisch. Denk je werkelijk dat Gods Geest je niet á la minute kan inspireren? De spreker laat merken dat dit een uitzonderlijke situatie is. Wie meent dat de spreker lui is, zou zijn agenda moeten nakijken en de uren voorbereiding die hij stopt in alle spreekbeurten en onderwijs dat gegeven wordt.

Blij dat hij erom lachen moest, om dit “hilarische”. Iemand die zegt: ik had niets voorbereid (waarom dan wel niet?) en dan zegt dat de boodschap werd “gedownload” is bezig zichzelf op te blazen. het suggereert dat er door de HGeest werd gesproken en niet door TdW zelf – en dat vind ik een aanmatigende bewering.  Als de Heilige Geest déze boodschap heeft gedownload is het de vraag of er geen ruis op de internetverbinding zat. Verkeerde exegese komt niet van de Geest, het negeren van de persoon van Christus ook niet. “Hij zal het uit het Mijne nemen en het u verkondigen.” Is deze boodschap uit het “Zijne” genomen?

Het enige juist in zijn woorden was, dat we idd de vele jaren van geduldige Bijbelstudie kunnen gebruiken om te kunnen improviseren. Dat had hij van mij best mogen zeggen: maar de Heilige Geest die de boodschap downloadt?

7. (1:40) “”uit de Geest” spreken is een ander woord voor improviseren”.Het is niet ongebruikelijk dat Gods Geest inspireert. Vb: In Handelingen 2 spreekt Petrus hoogstwaarschijnlijk onvoorbereid, een boodschap die zeker geïnspireerd werd door de Geest. Het is ongegrond om alles onder ‘improviseren’ te schuiven. Zo, ik ben niet eens tot 2 minuten gekomen, maar heel je werk ruikt naar kwaadsprekerij en leugenpraat.

De claim dat hij een boodschap van de HGeest kreeg “gedownload” wijs ik idd af. Blijft over dat hij onvoorbereid een preek houdt – al tellen idd de jaren van Bijbelstudie daarin mee. Bij Petrus idem.

Maar wil JK nu TdW gaan vergelijken met Petrus? Heeft hij wel gezien hoe nauwkeurig de HGeest de boodschap aan Petrus “downloadde” – als we die malle zegswijze mogen overnemen? Klinkt Petrus’ preek dan “onvoorbereid en geïmproviseerd”? Als je dan wilt weten hoe de HGeest een boodschap “downloadt”, kijk dan maar eens naar de perfectie waarmee dat gebeurt bij Petrus. Naar die maatstaf gemeten is het praatje van TdW toch een serie aaneengeschakelde dubieuze exegesen? Met als enig doel het aanpraten van de “boodschap”, dat wij ons moeten openstellen voor de dromen die God geeft, waardoor wij “bizarre” dingen zullen zien.

Hij heeft idd maar twee minuten beoordeeld. En ook de andere video’s, die samen met deze de volledige beoordeling van TdW vormen, heeft hij (blijkbaar) niet de moeite van een reactie waard gevonden. Maar “kwaadspreken”? Weet JK wel wat dat woord betekent?  

Kwaadspreken is: opzettelijk leugens vertellen over iemand waardoor hij of zij onbetrouwbaar of gemeen lijkt.

Welke opzettelijke leugens heb ik hier verteld? Ik citeer de  eigen woorden van TdW en reageer daarop. Ik neem hem de maat kun je zeggen, ik toets zijn woorden aan de Schrift – uiteraard zoals ik die lees. Wat dromen en visioenen betreft was TdW zo vriendelijk om mij dat zelfs aan te raden: kijk in de Bijbel, wat de Bijbel leert over dromen en visioenen. (Heb ik gedaan.) Ik beticht hem van niets anders dan dat hij de woorden die ik laat horen, uit zijn eigen video-opname, werkelijk heeft gezegd en werkelijk heeft bedoeld.

Wanneer hij dan toch onbetrouwbaar lijkt, komt dat door het effect van zijn eigen woorden. Ik beticht TdW niet eens van opzettelijke leugenpraat. Hij zou best zelf misleid kunnen zijn door zijn eigen leraren. Misschien gaat deze hele ellende wel terug op het werk van Parham en de Azuza opwekking die als een soort virus wordt doorgegeven. Daar ga ik niet over. Ik beoordeel zijn woorden, zijn prediking. En ik beoordeel dat met alles wat ik geleerd heb van de Schrift als ernstig dwalend en misleidend.

RAV

Zie de reacties live op:

Jezus is de BroLiDeOpHerWegWijn volgens Johannes

BroLiDeOpHerWegWijn

Het is simpel om dit woord uit het hoofd te leren. Zo leerde ik als kind het woord: “Superformiweldegeindefantakolosachtig.” Ik pauzeer hier even zodat u het kunt uitpakken: super, formidabel, (ge-) geweldig, geinig, fantastisch en kolossachtig. Het woord dat je daarvan kunt vormen is inderdaad meer dan “reusachtig, mooi en prachtig”, zoals het lied gaat.

Ook het woord brolideopherwegwijn moet worden uitgepakt. Maar dan heb je ook wat. Het gaat om de zeven uitdrukkingen die Jezus gebruikt om Zichzelf te omschrijven. Dit is het lijstje:

  1. Brood (van het leven – Johannes 6:35)
  2. Licht (van de wereld – 8:12)
  3. Deur (van de schaapskooi – 10:7, 9)
  4. Opstanding (en het leven – 11:25)
  5. Herder (de goede – 10:11, 14)
  6. Weg (en de waarheid en het leven – 14:6)
  7. Wijnstok (15:1, 5)

In het Grieks staat er steeds “ego eimi”, en dat is een merkwaardige uitdrukking. Het komt heel weinig voor in normaal Grieks. En de reden daarvoor is dat het eigenlijk een soort stotteren is. Ego betekent “ik”, en “eimi” betekent “ik ben.” Dus wat zegt Jezus? “Ik, ik ben.” Eimi alleen was dus al genoeg geweest. En zelfs “ego”, los gebruikt, was ook nog begrijpelijk geweest – hoewel het dan een wat te letterlijke vertaling vanuit het Hebreeuws zou zijn geweest.

De Septuaginta, de Griekse vertaling van het Oude Testament uit de tijd van Jezus, gebruikt deze woorden in Exodus 3:14. Het vertaalt de lastige Hebreeuwse uitdrukking “Ik zal zijn die Ik zijn zal” met de Griekse uitdrukking “ego eimi ho oon.” Letterlijk dus: Ik, Ik ben Degene die (voortdurend) is. Dat betekent zoiets als: Ik ben er altijd, Ik zal er altijd bij zijn, Ik blijf altijd degene die Ik ben. Op die manier stelt God zich voor aan Mozes. Anders dan in het Hebreeuws is de constructie dus als volgt: eerst een zeer nadrukkelijk “Ik”, dan een vorm van het werkwoord waarin dat “ik” al is opgenomen, en dan een uitdrukking die als het predicaat fungeert. Dat predicaat is dan een nadere kwalificatie.

Wanneer Jezus in het evangelie naar Johannes zeven keer dezelfde constructie gebruikt in Zijn beschrijving van Zijn Persoon en missie, dan is dat niet toevallig. Ik, Ik ben (net als de Here die Zich aan Mozes openbaarde), en – Ik zal bij jullie zijn als – brolideopherwegwijn. Op welke wijze is Hij dan bij ons? Als Brood, als licht, als de Deur, als de Opstanding, als de goede Herder, als de Weg – en waarheid en leven – en als de Wijnstok.

De toehoorders in de tijd van Jezus begrepen heel goed, dat Jezus zich met deze uitspraken identificeerde met God. Omdat er altijd ook een predicaat gebruikt wordt, lezen we nergens dat ze Hem hierom aanvallen. Pas wanneer Hij uitlegt wat hiermee bedoeld kan zijn, – Ik en de Vader zijn één – nemen ze “stenen op om Hem te stenigen”, zoals we lezen in Johannes 10:31. Wanneer Hij de uitdrukking echter gebruikt zonder predicaat, dus zonder nadere kwalificatie verschijnt Hij in Zijn volle goddelijke heerlijkheid.

  • Dat gebeurt bijvoorbeeld in Johannes 4:26, wanneer de Samaritaanse vrouw zegt dat zij weet dat de Messias zal komen. Jezus antwoordt dan met de woorden: “Ik ben (het), die tot u spreek.” Dat zou je nog kunnen reconstrueren alsof Hij gezegd had: “Ik, Ik ben de Christus.”
  • We komen het ook tegen in Johannes 6:20. Daar zegt Hij tegen de discipelen die Jezus op het water zien lopen, en dan zonder een predicaat, “Ik ben (het), weest niet bang!”
  • We vinden het in 8:24 waar Jezus zegt: “als u niet gelooft dat Ik (het) ben, zult u inderdaad in uw zonden sterven.”
  • Een moeilijk geval is nog 8:58, “voor Abraham er was, ben Ik er al.” Maar ook hier denk ik dat de bedoeling was om te zeggen dat Hij, als de Zoon van God, uiteraard al bestond in de eeuwigheid. (Diezelfde gedachte al bij Johannes de Doper: “Na mij komt een man die mij vóór is, want Hij was eerder dan ik” ( 1:30).
  • Dan vinden we het ook nog zonder predicaat in hoofdstuk 13:20. Jezus legt uit dat Hij het verraad van Judas voorspelt, nog zonder zijn naam te noemen, opdat “u, wanneer het gebeurt, zult geloven dat Ik (het) ben.” Het is duidelijk dat de discipelen hier moesten begrijpen, dat Jezus Zichzelf werkelijk aan God gelijk kon stellen.

Wanneer Hij dan uiteindelijk zegt “ik, Ik ben (het)”, lezen we dat de soldaten en de dienaars van de overpriesters maar ook de Farizeeën terugdeinzen en op de grond vallen. Dat moet een onbeheersbare reactie zijn geweest. Het houdt geen erkenning in van de godheid van Jezus. Het is wel een gevolg van de macht die in deze eigennaam van Jezus ligt. Het zou ook kunnen zijn, dat ze het goed begrepen hebben en daarom als een godslastering hebben opgevat. Alsof God Jezus zou gaan straffen voor deze vermetele woorden en zij daarom niet in Zijn buurt willen zijn. Maar hoe het ook zij, hier zegt Jezus rechtstreeks dat Hij de “Ik ben” van Exodus 3:14 is.

Wat Hij verder allemaal is, op welke wijze Hij dan bij ons en met ons is, hoe Hij is tegenover ons en de wereld, kan in één woord gezegd worden:

Brolideopherwegwijn

Ik vind dit woord, om goed te onthouden wat de zeven “Ik ben” – uitspraken in het evangelie naar Johannes zijn, waarlijk

superformiweldegeindefantakolosachtig.

De Charismanische vervalsing van Jesaja 53:4

In veel charismatische kringen wordt geleerd, dat Jezus gekomen is om onze “ziekten en pijn te dragen en weg te nemen op het kruis.” Daarbij was bloedstorting niet noodzakelijk. We kunnen vervolgens gaan “staan” op Zijn gezag en de ziekten bevelen weg te gaan: “Slechte bloedcellen, ga weg in de Naam van Jezus!” Zo is dat de gewoonte in de Shelter, de afgodstempel van Walfried Giltjes.

Ze baseren dat vaak op een lezing van Jesaja 53:4. Waarlijk, Hij heeft onze krankheden (ziekten, zwakheden) op Zich genomen, en onze smarten (slagen, pijnen) heeft Hij gedragen. “Gedragen” lijkt toch op de uitdrukking dat Hij onze zonden “gedragen” heeft op het kruis? Maar het werkwoord daar is NaSA, wat gewoon “dragen” betekent en niet “wègdragen”.

Ook in 1 Pe. 2:24 wordt voor het “wègdragen” van de zonde een apart werkwoord, namelijk “anaferoo” ,gebruikt, wat omhoog dragen of wègdragen betekent. De smarten die Hij gedragen heeft, blijken volgens Mat. 8:16, 17 juist de smarten die Jezus’ tijdgenoten hebben geleden – die Hij droeg door ze tijdens Zijn leven te genezen. De Heer Jezus heeft dus niet de ziekte wèggedragen aan het kruis en onze pijn niet “wèggedragen” aan het kruis – d.w.z. voor eens en voor altijd weggenomen. De Heer Jezus heeft onze ziekten en smarten “gedragen” door ze te genezen op aarde – Mat. 8:17.

Sterker nog, het is maar de vraag of we niet zouden moeten vertalen: Waarlijk, Hij heeft onze zwakheden gedragen (ons ondersteund in onze zwakheden) en onze slagen (die wij Hem toebedeeld hebben) verdragen. (Herinner je immers, dat Jesaja 53 een toekomstige schuldbelijdenis is van degenen die Hem op aarde hebben verworpen, m.b.t. tot de tijd die Hij op aarde doorgebracht heeft.)

En het is ook nog mogelijk dat we de hele exegese verbinden met vers 11: “Hij zal hun ongerechtigheden dragen”- wat de krankheden en smarten eerder met de zonde dan met ons lichamelijk welzijn verbindt.